Dag 33: Kaas is de duivel

30 mei 2014
Lief dagboek,

Mijn lichaam staat in survivalmodus. Ja. Echt. Niet dat ik mezelf na één keer klauteren in zo’n klimbos meteen als survivalwoman typeer, maar toch is het zo. Tenminste, als ik vriendinnetje R. moet geloven.
Vriendinnetje R. is een badass fanatieke sportster. Ze racefietst (met helm op, dus we hebben met een professional te maken) en post van die berichtjes van ‘addicted to the gym’. Ze ziet er prachtig strak & stretchy uit en loopt ALTIJD op stilettohakken. Kortom, zij kan het weten!

We bespraken dat ik zo m’n best deed en het volgens de weegschaal allemaal geen drol uitmaakte. Toen vroeg ze wat ik dan zoal eet op een dag. Dat bleek niet zoveel te zijn. Sterker nog, omdat ik overdag zo weinig eet, houdt mijn lichaam alles krampachtig vast en daardoor val ik niets af. Zie hier, de survivalstand. Geloof me, al ben ik gezegend met een rijke fantasie, dit had ik niet kunnen verzinnen. Maargoed, die theorie maakt me geen snars uit, ze had me bij ‘Je moet meer eten’.

Dat is natuurlijk wel een beetje aan regels gebonden. Want daar bedoelde ze helaas geen Snickers of bitterballen mee, maar gelukkig ook geen zemelen en kurkuma. Ik moet ’s morgens maar eens beginnen met een bakje yoghurt, tussen de middag een eitje op m’n brood en tussendoor nog een appeltje extra. Als dat een beetje routine is, kan ik wat gaan minderen met koolhydraten en bijvoorbeeld een boterham vervangen door een stuk fruit, komkommer of worteltjes.

Nou, dat kan ik! Ik vind yoghurt lekker, en worteltjes, en eitjes ook! Lekker een eitje op m’n brood tussen de middag. Komkommertje erbij. Plakje ham, klein beetje mayo, plakje kaas… ‘NEE!’ Geschokt keek vriendinnetje R. naar haar telefoon. Nouja, dat kon ik niet zien via de Whatsapp, maar ik voelde het door m’n schermpje heen. Ik dacht nog ‘vast de mayo’, maar daar kwam ik weg met een nonchalant ‘klein beetje kan, maar mosterd is beter’. Nee zeg, niet de mayo, ‘Kaas is de duivel!’.

Sorry? Káás is de duivel? Nu ligt godsdienstles van juf Nel al een poosje achter me, maar ik kan me niet herinneren dat we het ooit over kaas hebben gehad. Ik ben namelijk verzot op kaas. Roomkaas als pastasaus, geraspt op de salade (en de pasta en het gebakken eitje), brie op een broodje, toastje, uit het vuistje… Ik ben een Hollander en ik heet Harmsen, wat had je dan verwacht? ‘Maar ik eet ook graag geitenkaas’, opperde ik, want dat leek me een reuze-gezond alternatief. Maar dat bleek ook duivels. Iets minder weliswaar, maar zeker niet engelachtig zoals verse bladspinazie.

Goed, ik moet dus minderen met kaas en meer-en met eitjes en yoghurt. Check. Ik ben zelfs van m’n geloof afgestapt en heb Pepsi Max in plaats van normale Pepsi. Niels en ik hebben onderzoek gedaan in de Appie en dit bleek een mooie tussenoplossing. En nog in de bonus ook! Check.

Hopelijk compenseert dat de afgelopen slechte week. Ik heb te weinig gesport, te veel plakjes cake gegeten, chocola, iets meer colaatjes en chips. De optimist in mij zegt: ‘Zie je wel, ik heb deze week al meer gegeten!’ En wat denk je? Geen gram afgevallen! Maar gelukkig ook weer geen gram aangekomen.
Die weegschaal spoort niet.

Dag 28: Plan B.

25 mei 2014
Lief dagboek,

Gisteren had een mooie dag moeten zijn. Ik had al flink op weg moeten zijn met mijn 5 kilo minder Marissa, of in ieder geval resultaat moeten zien. Want met de bruiloft van 6 juni over minder dan 2 weken, was gisteren de dag dat vriendinnetje N. (de bruid) en ik gingen shoppen met als doel een mooi jurkje voor mijn prachtig afgeslankte lichaam te scoren. En hoewel dat lichaam best prachtig is (ik kietel mezelf gewoon even), was het bij de weegschaalsessie van vanochtend opnieuw geen gram afgevallen. Maar, ik kietel even verder: Ook geen gram aangekomen!

Nu weet ik dat mijn lijf niet gemaakt is voor alle soorten jurkjes, maar met het juiste model mag ik er wezen. Dus vol goede moed vertrokken vriendinnetje N. en ik al fietsend naar de 9 straatjes. Ik had mijn hippe gele jasje aangetrokken dus ik vond mezelf helemaal passen bij het blitse Amsterdamse straatbeeld. Onderweg kwam ik met m’n wiel tussen de trambaan (amateur!) en had ik even niet door dat ik alleen een achteruittraprem had. Na 5 minuten fietsen brak het zweet me aan alle kanten uit en verdween het hippe gele jasje in m’n tas. Vriendinnetje N. is aardig gewend aan het Amsterdamse verkeer, maar ik ben een toerist uit Arkel. Dus als een gracieuze gazelle fietste N. langs de grachten en ik probeerde haar als een onhandig beertje bij te houden. Aangekomen bij de 9 straatjes dreef mijn bril al van m’n neus en ik had nog geen jurk gepast. ‘Ja, de tram vind ik onzin.’, zei N. ‘Wat? We konden dus ook met de tram?!’

Een fleurig jurkje moest het worden. Geen compromisjurk. Want ook met een kilootje extra op mijn heupen is een vavavavoom-jurkje mogelijk. Uitdaging 1: Blijkbaar is zwart de modekleur van deze zomer. Uitdaging 2: Fleurige jurkjes zijn van die zwierige gevallen. Van die net niks, te korte, te-frivool-materiaal-jurkjes. En daar wordt dit beertje niet eleganter van. Maar ik moest en zou een kittig fleurig jurkje. En in dit shopmekka hing er vast zo’n jurkje mij te wachten. Dus ik paste me suf in die kleine benauwde snikhete boetiekjes. Daardoor voelde ik me achtereenvolgens een tent, een vierkant blok en een kleuter. Met ballonkuiten. Want ik had ballerina’s aan. Laten we zeggen dat ik mijn dorpse afkomst en naam eer aan deed. Vriendinnetje N. beaamde dat. Volmondig. En terecht.

Uiteindelijk is dus niet alleen de afslankpoging kansloos, maar ook deze zoektocht naar een jurkje. Voordat de barre fietstocht terug naar het hippe appartement van N. & S. weer werd ingezet, streken we even neer. Onder het genot van een yoghurt-aardbei-basilicum-shake en een wortel-gembersap (nee, in Amsterdam bestel je niet zomaar een colaatje) besloten we over te gaan op plan B.
Op de bruiloft van m’n broer droeg ik een fleurig jurkje met hoog vavavavoom-gehalte. Waarom doe ik die niet gewoon aan? Nou, omdat ik daar alleen 11cm hoge gouden stiletto-hakken bij heb en da’s niet handig als ceremoniejuf op een buitenbruiloft. Kortom, mooi excuus voor nieuwe schoenen!

Vanochtend heb ik Niels zo ver gekregen dat ie met me meeging naar Breda. Nude-shoes moesten het worden, met een niet te hoge, brede hak. Uiteindelijk heb ik ontzettend stoere, felgele, brede, maar extreem hoge hakken gevonden. In een heerlijk ruime ge-aircoode winkel die ik bij mijn prachtige op internet bestelde vavavavoom-jurkje zal dragen. Het enige punt is wel, dat ik deze nieuwe puppies moet inlopen. Heel Goed Inlopen.

Dus MEG-collega’s, de komende 2 weken zien jullie mij op 12cm hoge felgele hakken naar de printer lopen. Wat zullen m’n kuiten mooi worden!  

Me & my handsome bro!

Me & my handsome bro!

New puppies!

New puppies!

Dag 21: Aapje.

18 mei 2014
Lief dagboek,

Niels had niet zomaar een verrassingsweekendje geregeld, Niels had een actief verrassingsweekendje geregeld! Er ging van alles door m’n hoofd, van paardrijden tot bungeejumpen, van bananenboot tot canyoning, maar het werd iets daar tussenin. En verdomd, ik vond het nog leuk ook!
We gingen naar een klauterbos. Zo’n bos waar een parcours in de bomen hangt met touwen en balken en tonnen en staaldraad. Geweldig! Ik denk dat ik in een vorig leven aapje ben geweest. Ik heb ook altijd graag een staart willen hebben, dat lijkt me enig!

Eerst werkte mijn zekering niet zo best. De instructeur klikte dat ding met het grootste gemak van kabel naar kabel en die van mij moest ik met grof geweld inhaken. Je begrijpt, ik keek al reikhalzend uit naar parcours 3, op 12 meter boven de grond. Niels en de instructeur dachten dat ik maar wat aan het mekkeren was, en eigenlijk dacht ik dat zelf ook, maar toen de instructeur die van mij probeerde, moest hij toegeven dat mijn ding niet helemaal naar behoren werkte. Dus nadat ik die van hem had geconfisqueerd gingen we van start. Klauteren maar!

De eerste twee parcours gingen als een speer. Sjezend aan een kabelbaantje mijmerde ik zelfs nog even dat ik ook best instructrice zou kunnen zijn van zoiets, want het ging me zo goed af! Ik ben blij dat ik dat niet hardop gezegd heb, want deze gedachte beet mij later in mijn kontje (om er maar even slecht vertaalde Engelse uitdrukking in te gooien). Vol goede moed begonnen we aan het derde parcours en ik overwoog zelfs het vierde parcours nog. Dat was dan wel voor pro’s, maar we waren zò goed bezig!

Ik stond op het eerste platform van parcours 3 en probeerde mijn zekering in de ring van het trapeze-plateau te haken. Het scheelde maar een centimeter, maar ik kon er niet bij. Ik was gewoon te klein. Kinderen van 12 doen dit parcours ook dus dat was een fijne gedachte, maar iedereen (er stonden inmiddels 4 instructeurs en 2 andere klauteraars onder me en Niels was al aan de overkant) kon zien dat ik echt probeerde, maar dat het niet lukte zonder voorover te vallen. Ik zag geen mogelijkheid om verder te gaan, want als ik de eerste oefening niet eens kon inhaken, hoe moest ik dan vredesnaam de rest van dat parcours doen, dus ik gooide er een heldhaftig ‘Laat ook maar!’ uit en begon aan de klim naar beneden. Dat liet de opper-instructeur niet gebeuren, dus hij klom de ladder op, versperde mij de weg, legde een paar tie-wrapjes aan en voila, als een volleerde surfchick ging ik naar de overkant. Zie je wel, het ligt niet aan mij, ik ben echt een talent.

Tot die ene hindernis kwam waar men ons al voor waarschuwde. Ik zag Niels moeilijk doen terwijl het helemaal niet zo moeilijk leek! Maar ik pakte dat touw en had geen enkele kracht meer in mijn armen. Ik heb het twee keer geprobeerd, maar ik zag het niet meer zitten. Als ik nu een staart had gehad… Klaar ermee. De opper-instructeur heeft me naar beneden gehaald met een abseil-touw-ding en daarna keek ik toe hoe een Duitse snotneus van 13 zichzelf ‘einfach’ door de ‘onmogelijke’ hindernis werkte. Top.

Ach ja, hij hoeft niet zo’n dikke kont aan zijn armen omhoog te hijsen. Zo daar!
En met die dikke kont had ik toch al mooi twee parcours gefixt! Dubbel zo daar!

Dag 19: Vakantiestress.

16 mei 2014
Lief dagboek,

Dit weekend moet ik me helemaal overgeven. Eerlijk is eerlijk, daar heb ik zelf om gevraagd, maar hoe dichterbij het komt, hoe lastiger ik het vind. Dat brengt De Controlfreak in me naar boven.
Dat verbaast natuurlijk helemaal niemand die mij een beetje kent. Maar in dit soort situaties neemt De Controlfreak volledig de overhand en lijkt Marissa ondergeschikt.

Niels heeft een weekendje weg voor ons saampjes gepland. Eigenlijk is het niet eens een weekendje, het is maar één nachtje. We hadden een bon voor een hotelovernachting, dus Niels zou het regelen en ik zou me eens lekker laten verrassen. Dat klinkt natuurlijk hartstikke leuk en dat is het ook, maar ook spannend. Want ik ben er niet goed in om me te laten verrassen. Ik probeer namelijk altijd risico’s uit te sluiten. Leuk om spontaan iets te doen, zolang ik maar beslis hoe spontaan, waar spontaan, wanneer spontaan en hoe laat spontaan.

Inmiddels weet ik per ongeluk ietsje meer. Het wordt Zeeland. De weersverwachting is zon-zonniger-zonnigst, dus dat risico is tot een minimum beperkt. Als het nou maar niet te warm wordt…
We gaan zaterdag eerst uit eten, en ik ben dol op uit eten, dus ook dat zit wel snor. Als het nou maar wel een gezellig restaurantje is met een fijn menu…
Niels heeft een hotel uitgezocht en aangezien we allebei van een beetje comfort houden, zal ook dat wel goed gaan. Als het nou maar wel schoon is en ’s nachts zonder herrie en geen rokerskamer…
Ach, mijn lief heeft het beste met me voor dus dit gaat helemaal goedkomen!

‘Lieverd, zorg je dat je sportieve kleding meeneemt?’ Pardon!? Wat gaan we doen dan? Wat voor sportieve kleding dan? Moet ik mijn smurfenblauwe joggingpak aan? Is een spijkerbroek met gympen sportief genoeg? Worden mijn kleren vies? Moet ik een korte broek aan? Gaan we veel lopen? Wat voor schoenen moet ik aan? Zijn Allstars goed, of stevigere gympen? Moet ik een shirtje met mouwen aan, of juist zonder? Is het iets met water/modder/zand? Kan ik mijn bril ophouden?

En ik moet nog stofzuigen, wasjes draaien, boodschappen doen, benen epileren, kattenbak verschonen, badkamer schrobben, naar Trendhopper, mailtje sturen, keuken schoonmaken en dat allemaal voordat wel weg gaan, want daarna houdt in mijn hoofd wereld op te bestaan ofzo.
Oftewel De Controlfreak ten top. Ik lachte mijn moeder vroeger altijd uit als ze 3 weken voor de vakantie de koffers al klaar had liggen, lijstjes had met welke Frans Bauer en BZN- CD’s mijn broer en ik nog op een cassettebandje moesten zetten en dat de batterijen voor de gameboy nog opgeladen moesten worden. Maar ik ben geen haar beter. Blijkbaar is vakantiestress is erfelijk bepaald. En blijkbaar valt een nachtje-weg in mijn hoofd ook onder vakantie.

Inmiddels heb ik 2 ultrakorte broekjes, 2 drie-kwart broeken, 4 shirtjes, 1 paar ballerina’s, 1 paar Allstars, 1 paar gympen, 1 bikini, 1 badhanddoek, 2 vestjes en 3 setjes ondergoed in mijn trolley gepropt. Want ja, je weet maar nooit!

Jeetje… Was ik maar zo iemand die zou afvallen van stress.

Dag 16: Tot de 40.

13 mei 2014
Lief dagboek,

Vorige week kwam ik schoonzusje S. tegen bij de sportschool. Schrik niet, ik was daar om te zonnebanken, maar schoonzusje S. had gezwommen. Deed ze wel vaker, zei ze. Nou, dat leek me wel wat! Van zwemmen ga je tenminste niet zweten. Je wordt er een beetje rozig van. Of high van het chloor, één van de twee. Anyway, komende dinsdag zou ik mee gaan. Lekker hoor, beetje poedelen. ‘Gezellig’, zegt schoonzusje S., ‘Ik heb vandaag 40 baantjes gezwommen, dus daar moeten we volgende week overheen kunnen, hoor! Nou, tot dinsdag!’

Even terugspoelen. 40 Baantjes? Nee, dat kan ze niet gezegd hebben, ik heb vast een zonnebanksteek. ‘Niels, ze zei toch 14 baantjes?’, maar… ‘Nee schat, ze zei 40 baantjes.’ ‘Maar, dat was toch vast een grapje?’ Volgens Niels maakte ze geen grapje. Dit was bittere ernst.
Waar was ik aan begonnen? Ik dacht lekker een beetje poedelen, daarna sauna, douchen en dan fris, fruitig en make-upvrij onder de wol! Maar 40 baantjes… Zie ik eruit als Ranomi, Inge of Pieter? Nooit zoveel sportiviteit achter m´n schoonzusje gezocht…

Vandaag is het dinsdag. Nog een verrassing: Onze mannen vonden dat zwemmen zo’n goed idee, dat zichzelf gezellig hebben uitgenodigd! Hartstikke leuk, jongens! Nu kom ik helemaal niet meer onder dat fanatieke gedoe uit. As usual waren we allemaal iets aan de late kant. Dat leek me een goed teken. Want het grote zwembad was maar tot 9 uur open en 40 baantjes in minder dan een uur zouden we toch niet redden. Dus dat zou het fanatieke randje er wel afhalen, dacht ik.

Dat dacht ik dus verkeerd. Terwijl ik nog aan het acclimatiseren was in temperatuurtje lauw-badwater, waren de andere 3 al halverwege het eerste baantje. Oh. Dat was dus het plan. Ik twijfelde om pas aan te haken als ze terugkwamen, maar daar kwam de tijger in me los. Zij 40 baantjes, dan ik verdikkeme ook 40 baantjes! Dus met een schoolslag waarmee ik het risico loop dat mijn A-diploma met terugwerkende kracht wordt ingetrokken, zette ik de achtervolging in. Na een boel geploeter en een bak chloorwater in m’n mond bereikte ik de overkant. Dat ging niet al te soepeltjes. Gelukkig nog maar 39 te gaan.

Steeds na 5 baantjes even rusten. En ja, ik smokkelde hier een daar klein stukje waar ik kon lopen. Maar verdomd, we kwamen bij de 25, 30 en 35. Toen was het 20:54 uur. Nog 5 baantjes in 6 minuten leek me een onmogelijke opgave. Laten we er een einde aan breien. Ik hoorde iets over een sauna?

Maar mijn gezelschap was een andere mening toegedaan. It ain’t over til it’s over. We worden vanzelf het bad uitgezet, toch? Ok, blijkbaar. Terwijl we zwommen alsof ons leven er vanaf hing, verzamelden zich een kudde grote vrouwen in gestreepte badpakken en badmutsen aan de rand van het zwembad voor de waterpolotraining. Het was een angstaanjagend schouwspel. Kennelijk hing ons leven er inderdaad vanaf. Ik was geenszins van plan me door één van die vrouwen uit het bad te laten halen. Dus er zat niets anders op dan doorzwemmen. Doorzwemmen tot het bittere eind. Nouja, tot we de 40 baantje hadden gehaald dan.

Yes, sauna! En daarna thuis thee. Mèt chocola. Dat heb ik wel verdiend.

Dag 14: Kalfje.

11 mei 2014
Lief dagboek,

Vandaag is opnieuw een belangrijke dag. Ik heb besloten mezelf iedere zondag te wegen en het moment is dus weer daar. Vorige week was natuurlijk een grote teleurstelling. 6x Fanatiek gesport, mijn broek had het idee dat ie wat losser zat, maar mijn weegschaal was het daar niet mee eens.
Vanwege de regen, en het feit dat ik ook een leven heb naast werk, bewegen en bloggen, is het deze week maar 4x gelukt. Dat belooft niet veel goeds.

Gisteren vierden we het vrijgezellenfeestje van vriendinnetje N. Het was een gezellige boel waarbij niet het doel was om de aanstaande bruid voor joker te zetten, maar juist in het zonnetje te zetten. Dat lukte letterlijk niet helemaal, maar figuurlijk gelukkig wel. We hadden een gezellig vrouwen-pruttel-programma. Eerst lunch aan een versierde tafel waarvoor iedereen een gerecht had gemaakt. Ik had heel erg mijn best gedaan op gezonde hapjes en zojuist meer dan de helft in de kliko gemikt, maar het idee was leuk. Daarna een fotoshoot, een fijn diner en tot slot a.) een drankje of b.) wreed uit onze plaat in het Amersfoortse nachtleven. Het zal je niet verbazen dat ik voor optie a.) ging.

Even terug naar die fotoshoot. Ik heb ongeveer 25 seizoenen America’s / Holland’s / Benelux’ en Australia’s Next Topmodel gezien, maar dat doet niet af aan het feit dat ik voor een camera verander in een soort hark met kiespijn. Ik kan m’n licht niet vinden, m’n rolletjes niet verbergen, en ik vind al snel dat mijn décolletage te aanwezig is op foto’s waardoor ik nog zwaarder lijk dan ik eigenlijk ben.
We brachten allemaal een fleurig en een zwart jurkje mee en ik had daar natuurlijk matchende schoenen en bril bij. Het goede nieuws was dat ik nog steeds goed in de jurkjes paste, het slecht nieuws dat ik visioenen had van mezelf als koe (of hark dus), tussen die meiden. Moeoeoeoeoe!

Het was echter een hele leuke bonte groep met sociale, lieve meiden. En heel verschillend. Er waren lange meiden, kleine meiden, zwangere meiden, slanke meiden, volslanke meiden, heel slanke meiden, met ronde billen, slanke billen, volle borsten, petite borsten, bredere schouders, smallere schouders, krullend haar, perfect haar, steil haar, blond haar… Iedere dame had mooie punten, maar ook punten waar ze minder trots op is. En geloof me, het waren stuk voor stuk, echt mooie meiden. En binnen de groep leek ik helemaal niet zo op een koe. Misschien een kalfje, maar geen koe. Ik kreeg zelfs het compliment dat mijn groene jurkje zo mooi stond. En dat ik mooie bolle billen had!

Met die gedachte stap ik op de weegschaal. Want wat die straks ook aangeeft, ik mag er best wezen. Ook met mijn rondingen. En wat die straks ook aangeeft, ik ga door met bewegen. Al is het maar omdat het gezond is. Misschien zal er op termijn ook resultaat volgen. Maar misschien moet dat niet het hoofddoel zijn. Hoor je dat weegschaal? Misschien zou ik ook eigenlijk helemaal niet op je moeten gaan staan… Maar ik ben te nieuwsgierig. Voetje voor voetje ga ik erop staan en zet me schrap. Ik adem nog één keer diep in, en één keer diep uit. En kijk dan naar beneden.

60 kilo. Kut.

Dag 12: Takkeweer.

9 mei 2014
Lief dagboek,

Wat een rotweer! Vanwege de regen heb ik al 2 dagen niet gesport en ik gok dat daar morgen ook niets van gaat komen. Dat betekent dus 3 dagen niet sporten in één week. Aan de andere kant, dat betekent ook 4 dagen wel sporten in één week. En dat is niet eens zo’n slecht gemiddelde.
Als het echter zo blijft regenen en waaien als de afgelopen dagen, dan is zelfs lopen met een paraplu geen optie. En zonder beweging, valt m’n plannetje wel letterlijk in het water.
Maar gelukkig had collega L. een oplossing!

Ik kreeg van hem een Skype bericht: ‘Marissa, als jij echt 5 kilo wilt afvallen, dan gaat je dat niet lukken met skaten en lopen hoor.’
Bam! Die zag ik even niet aankomen. En ik barstte toch al van de intrinsieke motivatie, dus deze opmerking kon ik er prima bij hebben. Zoals je weet heb ik altijd mijn woordje klaar, dus antwoordde ik gevat ‘Eehm, ik hoopte eigenlijk een beetje van wel…’. Toegegeven, ik ben weleens scherper uit de hoek gekomen. Maar vergeef me, ik was wat beduusd.

Volgens hem kon dat lopen en skeeleren helemaal geen kwaad, maar het zet natuurlijk geen zoden aan de dijk. Nee, mijn wandelingetje is bepaald geen bootcamp, maar eerst zat ik alleen maar op m’n gat. 6x Per week een half uur bewegen zou dus toch wel iets uit zou moeten maken. Maar volgens collega L. was dat niet het geval. En gezien de ontwikkeling van mijn afvalcurve (inderdaad, er is geen curve, alleen de curves die ik al had), kon ik deze opmerking niet negeren. Volgens collega L. moest ik een app downloaden en dan zou het helemaal goedkomen.

Een app downloaden en dan komt het goed? Dat klonk me als muziek in de oren. Het heet ‘Workout for Women’ en het schijnt helemaal top te zijn. Het zijn gewoon oefeningen die je thuis kunt doen, dus ik hoefde me niet eens over de drempel van mijn voordeur te bewegen. ‘Ja, de eerste paar keer denk je wel dat je dood gaat’, aldus L. Mooi, weer zo’n opsteker… ‘Maar het schijnt wel te werken en die app praat ook tegen je.’ Ok, dus ik ga eerst een paar keer dood, het maar daarna val ik af en het kletst me de oren van het hoofd? Jeetje, dat klinkt echt als iets dat ik helemaal niet wil downloaden. Ik heb het dan ook nog niet bekeken.

Want, dat doodgaan is misschien niet eens het ergste. Weet je wat wel het ergste is? Wat het aller-aller- allervervelendste is van zo’n app?
Dat het takkeweer nu niet meer geldt als smoes om niet te sporten. Dàt is pas erg.

Dag 9: Koe met ambitie.

6 mei 2014
Lief dagboek,

Het zit me best dwars dat er afgelopen zondag geen resultaat te zien was op de weegschaal. Van alle kanten komen steunbetuigingen, zelfs vanuit onverwachte hoek. ‘Maar spieren wegen zwaarder dan vetjes’, ‘Je bent ook pas een week bezig.’, ‘Komt wel goed, je lichaam moet gewoon een beetje wennen.’ Of de goedbedoelde dooddoener ‘Maar Maris, je hoeft toch helemaal niet af te vallen? Je ziet er prima uit zo!’, of ‘Ach Maris, die paar extra pondjes staan je prima hoor, ze zitten precies op de juiste plaatsen!’. Nou lieve mensen, allemaal ontzèttend bedankt voor de harten onder de riem, maar feit blijft dat ik me een week heb uitgesloofd en er geen drol mee ben opgeschoten.

Ik kijk weleens naar ‘Say Yes to the Dress – Bridesmaides edition’ op TLC. Dan moeten er een stuk of 3 bruidsmeisjes passen. De eerste 2 meisjes passen moeiteloos in ieder jurkje. En er volgt altijd één bolle koe bij wie geen enkel jurkje staat. Dat ligt niet altijd aan de koe, als wel aan de bruid die gewoon graag dat korte wijd uitlopende strapless jurkje wil. Maar ja, de koe moet hetzelfde jurkje aan. En dan eindigen ze uiteindelijk met een suffe compromisjurk die bij de anderen te veel en bij de koe nog steeds te weinig bedekt. Nou, momenteel voel ik me dus als die koe.

Nu ben ik op 6 juni geen bruidsmeisje, maar wel ceremoniemeester/juf. Dat betekent niet dat ik er beeldig uit moet zien. Dat betekent dat ik dingen moet regelen, klaarzetten, feesten, rondrennen èn er beeldig uit moet zien. En ik weiger dat te doen in een compromisjurk. Ik wil een fleurig, bescheiden, doch vavavavoom-jurkje.

Eén steunbetuiging keert steeds terug: ‘Maris, die weegschaal, die zegt niet zoveel. Je moet kijken hoe strak je kleding zit, dan kun je echt zien wat het resultaat is.’ Ok. Die weegschaal kan ik niet helemaal negeren, maar als ik daardoor gemotiveerd moet raken kan ik net zo goed meteen op een pizzadieet. Dus, droeg collegaatje B. de volgende motivator aan: De Ambitiebroek.
De broek waarin je eigenlijk niet meer zo heel goed past, maar die je wel weer graag wilt passen. Laat mijn Jungle-broek daar nu een geweldig voorbeeld van zijn. Met wurmen kom ik daar nog prima in, maar dat wurmen moet maar eens afgelopen zijn.

Zal ik dat dan maar als subdoel nemen? Zonder wurmen in mijn Jungle-ambitie-broek passen! En dan heb ik ook al een goede kandidaat voor het volgende subdoel. In Parijs snapte ik geen snars van de maten, dus heb ik twee maten van dezelfde skinny-jeans meegenomen in de paskamer. Natuurlijk moest ik de grote maat hebben, maar laat ik nou net de verkeerde hebben teruggegeven aan het paskamermeisje. En laat ik daar nou net achter zijn gekomen toen ik al weer in Nederland was.

Ach, koetjes staan ook niet bekend om hun intelligentie…

Dag 8: Elke zak een feestje.

5 mei 2014
Lief dagboek,

De afgelopen dagen heb ik goed naar vriendinnetje N. geluisterd. Geen snoepjes, geen frikandellen en geen slechte dingen gekocht in de supermarkt. Maar ik was natuurlijk niet alleen in de supermarkt. En laten nou net de Nibbit, Bugles en Hamka’s in de bonus zijn. En laten dat nou net hele lekkere chips zijn. Sterk als ik ben, liep ik met een grote boog om het chipsvak heen. Ik kon het alleen niet laten om even een schuine blik te werpen op al die prachtige gekleurde glimmende zakken. Daar stonden ze, netjes op een rijtje, tegenwoordig in de doos in het schap. Ze lachten naar me, allemaal. De heerlijke dure A-merken bovenin en de goedkope vettige guilty pleasures onderin. De we-lijken-wel-verantwoord-maar-daar-trapt-toch-niemand-in ovenchips in het midden.

Ribbelchips, stinkende chips, grote zakken, kleine zakjes, frietjeschips, gekrulde chips, beertjes chips, driehoekchips, hete chips, Joppie chips, gewone chips. Ze lachten naar me, ze zagen er prachtig uit, knap, aantrekkelijk. Ze probeerden me te verleiden, allemaal. En dat in een periode van één enkel ogenblik. Maar ik moest sterk zijn. Dus ik maakte aanstalten om mijn wagentje verder te duwen, toen ineens… ‘Hee schat!’ Niels. Staat daar middenin het chipsvak mèt twee zakken chips in zijn handen. ‘Zeg, ik zie dat de Nibbit, Bugles en Hamka’s in de aanbieding zijn, welke wil jij? Dan doen we allebei een zak!’

Ik voelde een spiertje trekken bij mijn linkeroog en mijn handen reikten als door een hogere macht gedreven naar de zak Nibbit stengeltjes. Nou vind ik eekhoorns sowieso leuk maar die op de zak Nibbit is helemaal moeilijk te weerstaan. Als een chipp(munk)indale deed hij zijn dansje en lokte mij steeds dichterbij. ‘Mwah, ik hoef niet, kies jij maar.’, zei ik nonchalant.
Van binnen gloeide ik van trots. Ik heb toch maar die stomme eekhoorn kunnen weerstaan. Gezamenlijk liepen we de winkel uit, Niels, zijn 2 zakken chips en ik.

Vanavond, na onze avondwandeling, hoorde ik geritsel in onze snoepkast. Niels komt triomfantelijk aangelopen met een schaaltje chips en een blikje Sprite. Of ik ook wil. Ja natuurlijk wil ik ook! Ik wil die hele zak ik één keer helemaal leegpeuzelen. Ik wil de hele fles cola erbij leegdrinken. Ik wil een Big Tasty halen, zonder ui. En een Sunday ijsjes met chocoladesaus en nootjes. En ik wil een medium friet met een frikandel en een klodder mayonaise. Nee, ik wil zo’n 2x zo lange frikandel. Nog nooit op, maar ik wil hem!

‘Mwah, nee ik hoef niet…’, zeg ik nonchalant. Zie je wel, ik leer het wel!
‘Doe mij maar een glaasje cola en een stukje chocola.’
Oeps…

Dag 7: …en ik zag niet dat het goed was.

4 mei 2014
Lief dagboek,

Nu, 7 dagen nadat ik fanatiek begon met mijn ‘Naar 5 kilo minder Marissa in 4 weken-plan’, leek me een goed moment om de balans op te maken: Het weegschaalmoment.
De weegschaal moet ongeveer 1,5 kilo minder aangeven dan vorige week. Best spannend. Vanochtend hebben Niels en ik samen eerst een fikse ochtendwandeling gemaakt, want elke gram telt. En ik moest eerst een glas water drinken, anders was het niet representatief. En ik moest eerst douchen. Kortom, na een flink staaltje uitstelgedrag, moest het er dan toch maar van komen.

Ik schuif het badkamerkleed opzij en zet de weegschaal op een vlakke badkamertegel. Nu gaat het tussen jou en mij, weegschaal. Ik zet mijn rechtervoet erop en de cijfers draaiden langs de wijzer. De tweede voet erbij en de draaischijf kwam tot stilstand.
60 Kilo. Wat? 60 Kilo. Hè? Ik wiebel nog wat, misschien helpt dat, maar het helpt geen drol. De keiharde conclusie is dat ik afgelopen week 6 keer heb gesport, in totaal meer dan 3 uur. En ik ben er niets mee opgeschoten.

‘En?’, vraagt Niels hoopvol? ‘Geen grammetje minder.’, zei ik beteuterd. ‘Ach schat, ga je mee naar de Starbucks?’, zei meneer Ik-eet-alles-en-blijf-er-strak-bij-Larooij. Ik haal mijn schouder op, ‘Waarom ook niet.’ In de auto bedacht ik dat ik volgende week maar weer normaal moet doen. Als dat achterlijke sporten geen zin heeft, waarom zet ik mezelf dan elke dag voor aap in m’n joggingpak? Op de bank kan ik namelijk ook uitstekend niet-afvallen. Maar eenmaal bij Starbucks kies ik voor thee en yoghurt, in plaats van een cappu-frappu-superfat-latte-slagroom-chino en een double-chocolate-free-extra-calories-brownie-muffin. Blijkbaar ga ik dus door met mijn ietsiepietsie verantwoordere lifestyle.

Inmiddels moet ik schoorvoetend toegeven dat wat beweging niet verkeerd voelt (achteraf dan). Kan zijn dat ik het me inbeeld, maar het lijkt alsof ik meer energie heb. Ik kom vroeg bed uit in het weekend. Dan maar geen kilo’s eraf, gezonder is het wel. Kan zijn dat ik me dit ook inbeeld, maar mijn spijkerbroek ging vanochtend aan met minder gewurm. En de knoop prikt niet in m’n buik.

Niels, de schat, heeft het volgende bedacht: ‘Maar lieverd, je hebt spieren aangemaakt en dat is zwaarder dan vet. Da’s heel normaal als je begint met sporten.’ Ik geloof er niet zo in, maar voor de zekerheid hebben we toch mijn benen gecheckt. Wat blijkt? Mijn kuiten en bovenbenen zijn serieus keihard. Geen idee wat de situatie vorige week was, maar dit biedt perspectief. Een lichaam met het loopje naar de printer als enige beweging (en ik zit nog het dichtste bij de printer ook), raakt uiteindelijk uit model. En als er dan wel beweging plaatsvindt, kan dat best effect hebben. Ik besluit mezelf volledig voor de gek te houden en mee te gaan met deze theorie. Misschien laat de weegschaal op termijn ook resultaat zien, en hopelijk mijn broeken straks nog meer.

Stay dus tuned voor ‘Ronde 2: Marissa vs Weegschaal, the battle’!
En ondertussen: Baat het niet, dan schaadt het niet. Ja toch?