Ambitiebroek.

21 december 2015
´Zou ik het aandurven?’, vroeg ik mezelf af. De ontluikende bloemen keken me spottend aan. De tijgers loerden vervaarlijk door het gebladerte heen. Moet ik het proberen? Of moet ik nog even wachten? Ik heb het natuurlijk over de print op mijn broek. En niet zomaar een broek. Mijn ambitiebroek.

Anderhalf jaar geleden heb ik alle kleding die niet meer paste rigoureus in de zak van Max gemieterd. Behalve deze. Als ik eerlijk ben kreeg ik haar niet eens meer fatsoenlijk over mijn bovenbenen. En als ik me er dan met bruut geweld in had gewurmd, kon ik niet meer zitten. Alleen… er staan tijgers op! En jungle en bloemen! Hoe kan ik nu afscheid nemen van een broek met tijgers en jungle en bloemen? Dus ik besloot haar te houden en heel diep weg te stoppen in m’n kast. Zo af en toe kwam ik haar weer tegen. Met weemoed dacht ik dan terug aan de tijd dat ik er nog soepel in gleed en de knoop daadwerkelijk dicht kreeg. Eerst had ik nog de hoop er ooit weer in te passen, maar ze verdween steeds dieper in m’n kast en daarmee ook de hoop. Ik probeerde het te laten rusten, maar ergens bleef het knagen. Want eenmaal ambitiebroek blijft toch ambitiebroek.

Je raad het al; Toevallig kwam ik haar weer tegen vandaag. Plotseling had ze haar weg gevonden vanuit de krochten van mijn kast naar de oppervlakte. Plotseling lag ze daar te shinen als altijd. Een beetje geweldig en gewaagd te wezen met die gele tijgers en groene bladeren. Ze glimlachte verleidelijk naar me, provoceerde me. Zou ik…?
Nu heb ik de afgelopen tijd redelijk m’n best gedaan met sporten en eten. En de laatste weken is zelfs de weegschaal het daarmee eens. Wat een dilemma! Als ze past, weet ik dat ik op de goede weg ben. Maar als ze niet past is dat een uitermate teleurstellende ervaring. Een trauma waar ik waarschijnlijk veel chocola bij nodig zou hebben om het te boven te komen. Dus kon ik niet beter even wachten totdat ik het zeker zou weten? Misschien nog een kilootje of 2 zodat het geen teleurstelling zal zijn? Maar hee, ik heb zojuist de Santa Run gelopen. Als er een moment is dat ik strak en afgetraind ben moet het nu zijn!

Dus de nieuwsgierigheid won het van de vrees. De spanning was te snijden. Eerst mijn rechtervoet. Daarna de linker. Over m’n kuiten, bovenbenen, en floep, de billen. En dan het knoopje… Het moment van de waarheid.
En zonder enige moeite of buik inhouden ging het knoopje dicht. En dan draag je ineens weer je ambitiebroek van een paar jaar terug. Ik deed een sprongetje en een dansje. Ze zat nog wel ietsje strak om de bovenbenen, maar hee, ze past!

Goh, dacht ik, dan zal ik ook wel een hele goede BMI score hebben. Dus enthousiast google ik zo’n calculator en vul snel de gegevens in. Jippie, ik heb een gezonde BMI score! Oh en ik kan ook mijn ideale gewicht berekenen, ik ben benieuwd! Wat denk je; Blijkt dat ik daarvoor nóg 5 kilo moet afvallen!

Kutcalculator.

Ah schiet te hulp.

16 december 2015
Nee, waarom zou het verse sap ook gewoon bij de andere sappen staan? Ik moest alleen crème fraîche, bananen en een vers sapje. Moet in 5 minuten te doen zijn. Maar ik had er al 4 rondjes AH opzitten en werd pissiger en pissiger. De bananen lagen inmiddels beurs in mijn mandje en de crème fraîche was bijna kaas, maar geen verse sapje te bekennen. Ik kan maar niet wennen aan die verdomde nieuwe indeling en voel me een verdwaalde demente bejaarde als ik er rondloop.

Het goede nieuws is dat supermarktmedewerkers tegenwoordig ingezet worden als maatschappelijk werker. Ze maken nu melding bij een of andere instantie als ze vermoeden dat het niet zo goed gaat met een oudere klant. Met mijn bijna 32 lentes kan ik toch ruimschoots tot de oudere klanten worden gerekend. En het ging zeker niet goed met me. Dus gelukkig was ik in goede handen.

Ik ging op zoek naar een supermarktmedewerker. Nergens iemand in een blauw pakje te bekennen natuurlijk. Nu is mijn zicht wat achteruit gegaan in de loop der jaren, maar ik had echt mijn bril op. Uiteindelijk liep er een puisterige puber mijn richting op. Als overduidelijk verdwaalde oudere zou hij me vast te hulp schieten. Maar hij deed eigenlijk zijn best om vooral geen oogcontact te maken. Nu is deze oudere niet voor één gat te vangen, dus had die even pech;
‘Jongeman!’ Vermoeid draaide hij zich om en ik hoorde hem denken ‘Oh shit, weer zo’n demente’. Hij had duidelijk geen idee wie hij voor zich had.
‘Mag ik je iets vragen? Ik ben op zoek naar het de verse sapjes, waar staan die tegenwoordig?’
‘Eh ja, ik heb geen idee. Misschien in de koeling bij het sap?’
‘Ik ben al 4 keer rond geweest en in het bijzonder bij de koeling bij het sap. Daar staat het niet.’
‘Oh ja, eehm, dan weet ik het ook niet.’ Ik keek hem strak aan en zag de twijfel tussen de vecht- of vlucht reactie in zijn ogen. Dus ik besloot om hem een handje te helpen.
‘Daarom vraag ik het aan jou. Omdat ik het niet kan vinden. En jij werkt hier, dus hoe ga jij ervoor zorgen dat we dit mysterie oplossen?’ Hij was duidelijk niet gewend zelf na te denken.
‘Ehm, ik kan wel even kijken of ik een collega kan vinden…’
‘Dat klinkt als een plan!’ Hij stoof ervandoor. Nu wist ik dat hij geen collega zou vinden, want anders had ik die ook wel gevonden, maar hee ik ben maar een demente bejaarde.
‘Mevrouw, ik kan niemand vinden, dus…’ En hij deed een poging om te ontsnappen.
‘Sorry wacht eens even, verwacht je nu van mij dat ik rondjes blijf lopen tot ik de verse sapjes tegen het lijf loop? Of dat ik hier blijf staan wachten tot de verse sapjes mij tegen het lijf lopen?’
‘Oh eeehm, nee… Ik zal wel even naar achteren lopen om te kijken of daar een collega is.’
‘Nou, dat lijkt me wel wat. Wacht ik even hier, goed?’
Vol verwachting klopte mijn hart. ‘Nou, het staat helemaal vooraan, naast het vlees. Eeehm, ik loop wel even mee.’

‘Goh zeg, naast het vlees. Dat is wel verrassend, vind je ook niet?’
De arme drommel wist niet wat het goede antwoord was en ik zag de vertwijfeling weer toeslaan. Ik besloot hem uit z’n lijden te verlossen. ‘Dan vind ik het wel hoor, dankjewel!’

Misschien moeten ze dat plannetje in AH Gorinchem nog maar even uitstellen. Als ik echt een demente bejaarde was geweest had ik mezelf waarschijnlijk al lang voor een winkelwagentje gegooid.

Just shoot me.

6 december 2015
De wind waaide woest door mijn haar. Dat was kut, want ik had een half uur gedaan over het perfecte kapsel. Daar in de verte was het; de studio waar we met de schoonfamilie op de foto moesten. Heeft m’n schoonzus ‘gewonnen’ via vakantieveilingen. Dat biedt vertrouwen hè, een fotograaf die voor zijn inkomsten afhankelijk is van vakantieveilingen. Maar hee, alles voor de schoonfamilie. Met de ene hand hield ik mijn haar in bedwang, met de andere hield ik mijn jas dicht. Desalniettemin blies de wind onder mijn rokje en onhandig baanden we ons een weg over het veel te drukke kruispunt. Aangekomen zagen we een totaal verlaten pand met stickers ‘te huur’ op het raam. De rest was er nog niet. Niels opperde dat ze misschien al binnen waren en ik vroeg me of welk deel hij niet snapte: Verlaten? Of ‘te huur’?

‘Er stond geen telefoonnummer en ik heb ook geen mail meer teruggekregen…’, zei schoonzuslief. Dus ik sta hier op m’n vrije zaterdagmiddag in de ijzige wind, in de lak en make-up, in m’n goeie goed, met gevaar voor eigen leven in de sloppenwijken van Rotterdam-Zuid en dat bedrijf is opgedoekt?
Schoonzus S. had nog een adres. Gelukkig stond daar wel een echte persoon aan de balie. Met een agenda. Een agenda waar wij niet op stonden ingepland…
Maargoed, La Place was dichtbij en we mochten zo terugkomen. Ook dat biedt vertrouwen; Een fotograaf die het niet druk heeft zo voor de feestdagen. Ik schudde die gedachte maar van me af om me bezig te houden met belangrijkere zaken. Ondanks dresscode ‘netjes’ liep iedereen in spijkerbroek en viel mijn koninklijke blauwe jurkje nogal uit de toon. Voorbereid als altijd, toverde ik ook maar een spijkerbroek uit mijn tas en wurmde me erin op een onfris toilet. Ik ben er klaar voor.

‘Goed, wie wil er als eerste?’ Dus daar ging ik. Volgens de fotomeneer was ik makkelijk om leuk op de foto te zetten. Kijk, dat was een goed begin. Heb ik toch niet voor niets al die seizoenen America’s Next Topmodel gekeken. Dus na 2 minuten nam ik de shoot over en trok de grote rode fauteuil erbij. ‘Zo, klaar!’, zei de fotomeneer. Nee, dat zijn we niet. Ik zou ik niet zijn als er geen gekke foto bij zou zitten. Dus ging ik ondersteboven in de stoel hangen en ‘klik!’. Ok, nú zijn we klaar.

Nadat we allemaal in verschillende samenstellingen op de gevoelige plaat waren vastgelegd, konden we even later de foto’s bekijken. En verdomd, wat een beetje belichting al niet kan doen. De poses zijn niet heel verrassend, maar we staan er knap op!
Ik was bijzonder benieuwd naar mijn laatste foto. Die bleek grappig en lekker spontaan. Geen afgehakte ledematen, geen rolletjes waar ik ze niet wil. Kortom, ik was tevreden.

‘Hij is best leuk geworden, hè fotomeneer, die laatste?’ Zijn gezicht betrok een beetje en aarzelend bracht hij ‘mmmjah’ uit. ‘Oh, jij vindt het niks?’,’Hmm nouww…’. ‘Goed, jij bent de expert, wat is jouw professionele mening dan?’
‘Ik vind hem een beetje hoerig.’
‘Hoerig?’
‘Ja.’
‘Ja, ik snap wel wat ie bedoelt, hoor Maris!’, beaamde schoonmoederlief.

Top.

Oordeel zelf...

Oordeel zelf…