Julkjes.

14 september 2015
Collegaatje S. zei nog: ‘Kun je best doen hoor, bestellen in China!’, toen ik jaloers naar haar jurkje keek dat ze voor 7 euro op een of andere vage Chinese website had besteld. Dus toen Facebook mij de site Twinkledeals voorstelde leek me dat een reuze goede optie. Want als zelfs mijn eigen vertrouwde Facebook het voorstelt, nou dan moet het wel een hele betrouwbare partij zijn, toch? Immers, alles wat op Facebook staat is waar, toch?

Oh, wat een website naar mijn hart! Denk Topvitage, Retromaniek en Succubus.nl en dan ongeveer een vijfde van de prijs. Ik had wel 20 jurkjes willen bestellen! Maar dat is niet slim, want hoe hoger de waarde, hoe groter de kans op invoerkosten. Oftewel ‘auf wiederschnitzel’ Chinees voordeel. Ook is het maar de vraag of de spullen überhaupt het pittoreske Gorinchem zullen bereiken. Tot slot fluisterde er een stemmetje in mijn achterhoofd dat zo’n jurkje er in het echt best weleens anders kan uitzien dan op de foto. Maar verblind door de kleine prijsjes en mooie plaatjes snoerde ik dat stemmetje snel de waffel.

Er volgde een keiharde, kritische afvalrace. Ieder jurkje keek me aan met van die puppy-ogen. Kies mij! Kies mij! Met pijn in het hart heb ik afscheid moeten nemen van de meesten. Aan een aantal exemplaren heb ik plechtig beloofd dat ik ze alsnog zou bestellen als de eerste levering een succes zou zijn. Na een uur worstelen met maattabellen en een inch-meetlint, viel de keuze op 2 jurkjes. Hatsjiekidee, ik nam de gok! Tot mijn verbazing ontving ik gewoon een orderbevestiging en een track & trace code. Goh, misschien komt het wel gewoon aan… Maar na een aantal keer checken bleef de status wel heel lang ‘in transit’, dus eigenlijk had ik de hoop al opgegeven. Ik was dan ook verrast toen er plotseling een briefje van de postbode in de bus lag. Zou het? Zou het echt?

De volgende dag kreeg ik het pakketje in handen. Ooeeh! Wat een spanning! Ik had gewoon een pakje vast vanuit de andere kant van de wereld. En ja, ik weet dat de mensheid al honderden jaren met succes post verzorgt, maar laat mij even van het moment genieten, ja! Ik stelde me voor hoe ik straks de jurkjes zou aantrekken en ze perfect mijn ‘curves’ zouden ‘huggen’. Hoe mijn lichtblauwe pumps er prachtig bij zouden staan. Hoe Niels zou zeggen dat ik er sexy uitzag. Ik voorzag fluitconcerten van bouwvakkers. Mannen die spontaan rozen in mijn handen duwen, me een handkus willen geven. Zwijmelende blikken in mijn richting. Alle aandacht voor mij in plaats van Niels bij de Starbucks. Een gratis extra kipnugget in mijn doosje. Schunnige voorstellen bij het wasmiddel-schap. Liefdesbrieven aan de binnenkant van mijn pizzadoos. Een extra klodder mayonaise bij m’n frikandel. Ik voelde me de vrouwelijke Coca Cola Light man, puur en alleen bij de gedachte aan die jurkjes. Ik voorzag een langdurige en innige relatie met deze Chinese website en we leefden nog lang en gelukkig, ik in stijlvolle jurkjes. Voorzichtig maakte ik het pakketje open en haalde de eerste eruit.

Ik hield de jurk voor me en zag het meteen. Wat een ongelofelijke soepjulk! Hier zou Niels me met de beste wil van de wereld niet sexy in vinden. En de tweede was nog erger dan de eerste! Waar de eerste nog best op de foto leek, had de tweede alleen de kleur gemeen. Eigenlijk dat zelfs niet eens. De stof is slecht, van de maat klopt werkelijk geen drol en ik denk dat de snit is gebaseerd op de vorm van een regenton. Of de vorm van een kliko. Oh dat zal het zijn, deze jurkjes zijn ontworpen voor de kliko!

soepjulk 1

soepjulk 1

soepjulk 2.

soepjulk 2.

Sportoutfitgate.

6 september 2015
Het is enkele weken geleden. We waren bijna klaar met de Bootcamp, ik was kapot, bezweet, smerig en onderweg naar de auto, toen het gesprek plotseling ging over mijn outfit.

Daar besteed ik altijd de uiterste zorg aan. In mijn kledingkast kan de Bijenkorf 3 Doldwaze Dagen organiseren en Zalando vreest voor concurrentie vanwege mijn schoenencollectie. Toegegeven, het is geen sportmateriaal maar tot voor kort was dat nooit een issue. Voor de bootcamp had ik een degelijke zwarte top uitgezocht en mijn meest stevige gympen aangetrokken. Leek me prima.
Bovendien; Ik dacht dat ik hier was om een beetje sportief te zijn. Dat ik hier kwam om te bewegen en dat mijn outfit er niet toe zou doen. Ik dacht; eerst maar eens kijken of ik het leuk vind voordat ik geld steek in sport-shizzle die uiteindelijk in de zak van Max belandt. Ik dacht dat ik niet op uiterlijk beoordeeld zou worden, ik droeg niet eens make-up. Jeetje, heb ik dat even verkeerd ingeschat.

‘Maar je ziet er in ieder geval al sportiever uit in deze joggingbroek dan in dat katoenen broekje van vorige week.’, zei trainer E., enige man in het gezelschap. ‘Ja, en je draagt ook geen hardloopschoenen, loopt dat niet ontzettend zwaar?’, merkte één van de dames op. Trainer E. vulde aan ‘Ja, dit zijn geen sportschoenen, dit zijn gewoon… hippe schoenen!’. Ik had niet verwacht dat het ik het woord ‘hip’ nog eens in een negatieve context zou horen.

Eigenlijk vind ik dat het geen drol uit zou moeten maken waarin ik sport en ik heb nog nooit hardloopschoenen gedragen. Maar in deze schoenen heb ik geen blaren, ze glippen niet uit, ze overleven het gras en de modder, wat wil je nog meer? In een katoenen broekje kan ik ook prima rennen en er is tijdens het sporten niets onzedigs uit mijn topje gevallen. Ik ben bedekt, ik kan bewegen, wat is het probleem?

Totdat ik bij de H&M was met collegaatje B. Ze steunde me volledig in sportoutfitgate. ‘Gewoon lak aan hebben!’, vindt ze. Maar toen: ‘Hee Maris, als je nou overweegt om eventueel toch sportkleding aan te schaffen… Hier hangen best leuke dingen!’ Nouja zeg, dacht ik. Ze weet toch hoe ik erover denk? Ze staat toch aan mijn kant of niet soms?
Hmmmm… Toch maar een kijkje nemen. Oh, wat een vrolijke, gekleurde spulletjes. Allemaal blitse haltertops, hippe broekjes , speciale sokken! Allemaal dingen waar je gewoon in kan zweten zonder vieze onsmakelijke plekken! En allemaal in de kleuren felroze en felgeel en felgroen! It’s amazing!
Dus… Ze hebben gelijk! Ik moet een nieuwe sportoutfit hebben. Nu! Inmiddels heb ik intens coole felblauw-met-felroze Nike’ies. En het klopt joh, dat sport echt veeeeeul beter. Nu heb ik dus ook nog een leuke broek, hip shirtje en flitsende ademende sokken nodig. Zouden ze die hebben met Minnie Mouse erop? Oh misschien staan zweetbandjes om m’n pols ook wel kittig!

Ik ga voor de Sporty Spice look!
Nee, dat had ik ook nooit achter mezelf gezocht…

Squats en Golden Retriever squash.

Collega D. had me al gewaarschuwd: ‘Marissa, als jij eenmaal begint dan ben je vast niet meer te stoppen!’ Ik heb hem uitgelachen en voor gek verklaard. Zijn opmerkingen in de wind geslagen en gedacht dat hij niet goed bij z´n hoofd was. Sporten zou nóóit mijn hobby worden. Het is stom, vermoeiend, je gaat er van zweten en stinken. Maar verdikkeme, het lijkt erop dat ie gelijk krijgt.

Vrijdagavond had ik grootse plannen want we hadden een werkborrel; op de Varkenmarkt, bij de Zomerfeesten. Hoe cool zijn onze bazen? Ik zeg subzero. De Mailbu Cola vloeide rijkelijk, er werd gedanst, gehost, gehouwehoerd en meegeblèrd op de tenenkrommende Hollandsche klanken. Ik had me van tevoren ingesteld op een tripje ‘naar de kloten’ en halverwege de polonaise besefte ik me dat ik flink op weg was. Het was maar goed dat ik de bootcamp voor de volgende ochtend had afgezegd. Ter compensatie had ik een squashbaan gereserveerd voor zondag. Kijk mij eens fanatiek zijn!

Maar toen, de volgende ochtend, 8:33 uur: Ik opende mijn ogen en dacht; Shit, nu ben ik wakker. Ik heb namelijk last van een omgekeerd ritme. Doordeweeks kan ik niet uit m’n bed komen, in het weekend kan ik niet uitslapen. Hmmm… Nu kan ik twee dingen doen. Woelen tot ik van ellende uit bed rol, of hatsiekidee mijn tanden poetsen, een joggingbroek aanschieten en bootcampen tot ik erbij neerval. Geschrokken door deze gedachte ging ik snel weer liggen. En toen kreeg ik een openbaring (of vlaag van verstandsverbijstering, wie zal het zeggen) en bedacht dat ik beter spijt kan hebben van iets dat ik wel heb gedaan, dan van iets dat ik niet heb gedaan. Dus ik verbaasde vriend, vijand en bovenal mezelf en sprong uit bed! Tadaaa!

Alleen al de blik van trainer E. was goud waard. Jij was toch gisteren…? Yep!
Er werden autobanden gesjouwd, touwtje gesprongen (waarom kon ik dat vroeger uren en moet ik nu na 100 sprongetjes aan de beademing?), balken getild en buikspieren getraind. En ik heb ontdekt dat er geen fijnere manier is om op adem te komen dan liggend in het koele gras dat nog vochtig is van de ochtenddauw. Totdat trainer E. mijn zen-moment woest verstoort: ‘1 minuut planken gaat NU in!’ De rest van de dag droeg ik een trotse glimlach. Niets kon me uit het veld slaan. Ik was helemaal chillaxt! Oh glorieuze endorfinen!

Netflixend op de bank drong vanochtend tot me door: Help, ik moet straks ook nog squashen. Mwah, dat kan ik wel afzeggen, toch? Twee keer in één weekend sporten gaat wel ver voor iemand die tot voor kort haar plas ophield tot ze printjes en koffie moest halen, want dat scheelt weer een loopje. Maarja, het was al gereserveerd… En zou ik mezelf niet enorm teleurstellen als ik thuis zou blijven? Ik ben toch geen Sjaak Afhaak? Netflixen kan daarna ook nog. Dus: ‘Hee Niels… ik ga je inmaken!’

Nee, ik heb Niels natuurlijk niet echt ingemaakt. Maar ik heb wel een uur lang als een Golden Retriever achter een bal aangerend. En dus heb ik ons uit-etentje van vanavond nu ook echt verdiend!

Collega D. had gelijk. Ik ben begonnen, en ik ben niet meer te stoppen.
Nouja… voor hoe lang het duurt dan.

Boostcamp II

16 augustus 2015
Iedereen had er een hard hoofd in, maar mensen: Ik heb gisteren opnieuw gebootcampt. Aangezien er daarna nog geshopt moest worden, kon ik natuurlijk niet helemaal tot-kotsen-aan-toe gaan. Verrassend genoeg kom ik best mee met de spieroefeningen en korte heftige acties. Maar zodra ik langduriger inspanning moet leveren kun je me opvegen. We beginnen altijd (nouja, vorige en deze week) met een stukje hardlopen naar de plek waar het allemaal gebeurd en dat is voor mij al Afzien. Jawel, met een hoofdletter A. Waar andere dames vrolijk huppelend de week doornemen, moet ik me concentreren om mijn ene been voor de andere te blijven zetten, boomwortels te ontwijken en door te ademen. Ik arriveer als een van de laatsten, als een dweil, met pap in de benen, bonzend hoofd, de kleur van een tomaat en mijn haar tegen m’n voorhoofd geplakt. En dan moeten we dus nog beginnen.

Tijdens de rek- en strekoefeningen kom ik een beetje bij. Planken lukte deze week buitengewoon goed, ik heb de minuut volgehouden. En wel wegens een bijzonder goede motivatie: Mijn lichtgrijze joggingbroek mocht niet in het viezige natte gras terechtkomen. Dus. Maar het is gelukt! M’n broek werd daarna toch smerig, maar toen was ik al te fanatiek bezig om me daar nog druk over te maken. Dus ik ging door met spierpijn kweken in mijn modderige joggingbroek. Dat ging keigoed, tot we weer een stukje moesten hardlopen en touwtje springen. Ik werd duizelig en kortademig. Het is duidelijk dat ik conditioneel nog ietsiepietsie tekort kom.

Dus trainer E. had een briljant idee. ‘Weet je Marissa, als je nou van de week ook even gaat hardlopen…’, ‘Trainer E. ik snap je, maar ik heb een hekel aan hardlopen. Ik heb een hekel aan sporten en zweten. Dit theekransje op zaterdag lukt nog, maar don’t push it.’ ‘Maar om je doel te bereiken…’ Dat zette me aan het denken. Wat is mijn doel eigenlijk? Waarom laat ik me op mijn vrije zaterdagochtend afmatten om vervolgens 2 dagen geen trap te kunnen lopen? Nou, het antwoord zal jou net zoveel verbazen als dat het mij verbaasde. Ik vind het namelijk gewoon wel leuk. Pardon? Ja. Leuk. Dat wil ik graag zo houden. En als ik me doordeweeks schuldig moet gaan voelen omdat ik van trainer E. eigenlijk moet hardlopen, houdt dat niet lang stand.

Wat is mijn doel? Om de Olympische Spelen te bereiken? En dan zeker ook geen frikandellen meer eten? Hell no! Om echt super goed te worden in bootcampen? Wat heb ik daar nou aan? Om 20 kilo af te vallen? Ik houd van mijn curves. Niels houdt van mijn curves. Wat zeg ik; de collega’s van het magazijn houden van mijn curves. Misschien andere collega’s ook wel, maar de financiële administratie fluit nu eenmaal niet als ik langsloop. Zou een mooie boel zijn.

Mijn doel is om iets bewuster te leven. Wat minder snoepen, wat meer groenten en fruit eten, wat meer bewegen. En dat doe ik. Als ik daarmee een kilootje of 2 à 3 afval, is dat alleen maar mooi meegenomen. Maar ik word geen doorgewinterde sportster. Gewoon mee kunnen komen is voor mij voldoende. Oh ja, en volgende week kom ik niet bootcampen want ik heb grootse plannen voor vrijdagavond. Zo daar.

Maar ik heb wel voor zondag een squashbaan gereserveerd zodat er volgend weekend toch gesport wordt. Dus volgens mij ben ik stiekem al heel goed bezig.

Boostcamp!

9 augustus 2015
Ik heb ó-ver-àl pijn. Het doet pijn als ik ga zitten. Het doet pijn als ik ga staan. Het doet helemaal pijn als ik de trap afloop. Ik kan mijn armen nog net hoog genoeg optillen om m’n haar te föhnen en het lukt nog maar net om de bandjes van mijn schoenen vast te maken. Bij iedere beweging word ik verrast door een pijnscheut in een spiergroep waar ik tot dusver niet van het bestaan af wist. Zelfs mijn billen doen zeer.

Maar Marissa, wat is er in hemelsnaam gebeurd? Nou, dat zal ik je vertellen. Er is iets verschrikkelijks gebeurd. Iets dat ik niet had verwacht ooit mee te maken. Vraag me niet hoe, maar het is collegaatje A. gelukt om me over te halen. Waar ik begon met ‘Ja dahaaag!’, eindigde ik met ´Ik heb me opgegeven voor een proefles, hoor!’ Ik wist dat ze een goede verkoper was, maar als het je lukt om mij hiervan te overtuigen, dan kun je ook zand aan de Sahara slijten.
Dus daar stond ik, zaterdagochtend 8:50 uur in het Lingebos. In kort geel broekje, zwart hemdje en sportschoenen. Jawel sportschoenen. Hippe roze/witte gympen met bloemetjes, want het oog wil ook wat. Ik ben er klaar voor. De Bootcamp!

Bootcamp? Jij? Ja. Ik. Nouja, Bootcamp Light Voor Een Maatje Meer. Want je moet ergens beginnen als je enige vorm van lichaamsbeweging bestaat uit het loopje naar de printer en terug.
Ik verwachtte een trainer van het type gefrustreerde opgepompte ex-worstelaar met stierennek. En ondanks de ‘maatje-meer-versie’ verwachtte ik lange slanke gebruinde deelneemsters die fluitend zo’n light-bootcampje doen. Maar trainer E. is een vrolijke relaxte gast die je uitdaagt, maar ook je grenzen respecteert. En het waren potverdikkeme allemaal leuke meiden, in verschillende soorten en maten. Ja, er werd gezwoegd en gezweet, maar uiteindelijk was het ook gewoon een theekransje.
Ik heb oefeningen gedaan waar ik nog nooit van had gehoord. We hebben geburpeet, ge-jumping-jacket en gesquat. Ik heb me zelfs opgedrukt. Ik wist niet eens dat ik dat kon. Maar zet mij in een groepje en de tijgerin komt in me los. Nouja, het strebertje dan.

Een enkel oefeningetje heb ik overgeslagen, want soms moest ik even op adem komen. Met andere woorden: Ik zag sterretjes en ik heb de dood in de ogen gekeken. Ik weet zeker dat ik op een gegeven een moment een tunnel zag met licht aan het einde, maar dat kan ook gewoon het donkere bospad zijn geweest. In elk geval; ik heb doorgezet. Want als die andere meiden het konden, dan moest ik het toch ook kunnen. Het liefst nog beter! Ik laat me er niet onder krijgen door een stel maatjes meer en minder die dit toevallig al maanden doen! Dus ik trok nog een sprintje, pakte de kettlebell, deed nog een burpee, plankte nog een minuutje… Nouja, 45 seconden… En toen was het uur voorbij. Zo, ik voelde me trots en topfit. Gisteren.

Vandaag heb ik vooral pijn. Zeurende, irritante, maar o zo heerlijke spierpijn in iedere vezel van mijn lichaam. Elke beweging herinnert me aan de prestatie die ik geleverd heb. Iedere pijnscheut geeft een boost van voldoening, alsof mijn dijbeen bij elke traptrede aangeeft ‘goed bezig- Harmsen, goed bezig-Harmsen, goed bezig-Harmsen’. En ik kan misschien niet meer van de bank afkomen zonder op een oud wijf te lijken, uiteindelijk is dat wel het bewijs dat mijn spieren keihard hebben gewerkt. Leuk is misschien groot woord. Voldaan past zeker wel.

Dus volgende week sta ik er weer. Om 08:50 uur. Klaar voor opnieuw 3 dagen masochisme.

Scoop & Swoop.

3 augustus 2015
Zoals iedere vrouw, en haar man, ben ik dol op lingerie. Ieder vrouwelijk lichaam knapt toch op van mooie passende lingerie? Niemand die het verder ziet, maar alleen al de wetenschap dat je er onder je kleding hartstikke sexy uitziet, is genoeg om vol zelfvertrouwen de dag door te komen. Alsof je een stiekem geheimpje bewaart. Een geheimpje van alleen jou en misschien je partner. Het maakt je onaantastbaar. Ik draag dan ook altijd een matching setje. Doe ik dat niet, dan heb ik de hele dag het gevoel dat er iets niet klopt.

Het kopen ervan vind ik echter een drama. Daarom koop ik lingerie zoals een man kleding koopt. Één keer per jaar ga ik de strijd aan, zoek een berg ondergoed uit, trek m´n pinpas en dan kan ik er weer even tegenaan. Hema en H&M heb ik al lang opgegeven. Maar ook bij Hunkemöller kan ik met 25 BH’s het pashokje ingaan en ze alle 25 weer terughangen. Na een jaar lang slecht ondergoed passen heb ik me dus maar verenigd met het feit dat ik diep in de buidel moet tasten, nee dat ik mijn portemonnee grof moet aanranden, om goed passende lingerie te scoren. Dus: De Speciaalzaak it is!

Loop even met me mee: Je komt binnen, ziet al die oma-tenten hangen en je wilt direct weer weg. Maar je weet; Ik moet zo’n tent aanschaffen. Of in mijn geval meteen een hele camping. Ik negeer de verkoopsters en doe mijn ronde door de winkel. Iedere BH zonder brede oma-bandjes en met kittig kleurtje hang ik aan mijn linkerwijsvinger. Dat zijn er in mijn maat meestal zo’n 4. Je zou denken ‘Nou in een Speciaalzaak heb je het voor het uitkiezen!’ Dat klopt. Ik kan kiezen uit 4 leuke BH’s. In de hele Speciaalzaak. Op naar de paskamer ermee! Discreet achterin in de winkel. Lees: daar waar geen daglicht of frisse lucht ooit is doorgedrongen. Dus in die krappe plakkerige ruimte kleed ik me uit. In het TL-licht zie ik elke hobbel van mijn lichaam. Sterker nog, ik zie putten die ik nooit eerder zag en de littekens op mijn borst zijn zichtbaarder dan ooit. Met die fijne gedachte wurm ik in het eerste setje. Met een verhit hoofd, een bril die van mijn neus drijft en warrig haar open ik voorzichtig het gordijntje. Nù heb ik een verkoopster nodig. Nu dus.

Niet een minuut eerder ‘Oh, ik dacht je hem al aan had, dus ik trok het gordijn maar vast open!’(de overfanatiekeling), niet 3 minuten later ‘Hallo, o, o, o… Ik sta hier halfnaakt!’ (de snob-die-denkt-dat-ik-het-niet-kan-of-wil-betalen-maar-wie-ben-jij-om-dat-te-beoordelen-want-jij-werkt-ook-maar-gewoon-in-een-onderbroekenwinkel-verkoopster). Sommige verkoopsters komen zelfs doodleuk het pashokje binnengehuppeld om je de BH te hijsen (de bemoeial). Dankje, het lukt me al een jaar of 15 zelf. Maar oké, ze stelt de bandjes en dan volgt de ‘Scoop & Swoop’. De wat? De Scoop & Swoop. Oftewel, je tilt je borst iets op waardoor deze goed in de cup valt. Sommige verkoopsters (het bemoederende type) denken dat ook dat me niet lukt. Ze denken dat ik het fijn vind als zij het even voor me doen. Voor ik het weet zit er een vrouw van middelbare leeftijd met haar handen in mijn nieuwe BH te grabbelen om mijn borsten even te scoopen. Hallo zeg, zie ik eruit alsof ik door middelbare handen betast wil worden? Anders blijf je gewoon even van de kroonjuwelen af!

Maargoed, als ik na al die ontberingen de Speciaalzaak uitloop met een lege pinpas en een volle tas, dan voel ik me weer sexy en ‘on top of the world’. Enthousiast bel ik mijn lief: ‘Schat, ik heb weer 4 nieuwe geheimpjes! Modeshowtje?’

I said no no no…

25 juli 2015
Nu de zomerprogrammering weer is ingezet, is er natuurlijk helemaal geen drol op de televisie. Meestal lukt het mij nog wel één of ander leeghoofdig programma te vinden waar ik de avond mee door kom. Niet zelden omdat ik te lui ben om de afstandsbediening van de tafel te pakken. Niels kijkt dan een of andere film of serie op z´n laptop, want die kan geen aflevering van Say Yes to the Dress, Grenzeloos Verliefd of Barbie & Michael meer zien. En persoonlijk vond ik ook wel dat mijn niveau een onacceptabel dieptepunt bereikt had, dus ik moest eens een stevig gesprek met Niels voeren.

‘Lieverd, kunnen we niets iets regelen waardoor we die films en series van jou gewoon op tv kunnen kijken?’ Beteuterd zei Niels dat hij de Apple TV, waarmee je het beeld van je laptop op TV kan zien, niet meer aan de praat krijgt. Nou mooi, dat heeft toch zeker een half jaar gewerkt. Dat is weer 100 euro goed besteed. En toen zag ik plotseling een twinkeling in zijn ogen. Niels had duidelijk een ondeugend plannetje. ´Lieffie…?’, ‘Ja?’, ‘Enneh, als we nou eens Netflix zouden nemen?’, ‘Netflix?’, ‘Ja, Netflix! Duizenden series en films, zo onder handbereik! Duizenden! We kunnen kijken wat we willen! Wanneer we willen! En ik kan het zo aanzetten, en iedere maand weer opzeggen! We kunnen het proberen toch?’ Iets deed me vermoeden dat mijn honnepon hier al eerder over had nagedacht.

‘Nou prima, waarom niet? Dan kunnen we gezellig samen televisie kijken. Toastje erbij, colaatje erbij, kat erbij, onder een zacht dekentje. Kaarsen aan, de regen die tegen de ramen klettert en de wind die huilend rondom het huis stormt terwijl wij warm en droog in ons fijne huis zitten. Ik kan niet wachten tot de winter!
Maargoed, nu het hoogzomer is biedt Netflix een uitgelezen kans om het gebrek aan leuke televisie op te vangen. Dus Niels meldde zich direct aan en toen hadden we Netflix! Wat voelden we ons machtig. De televisiewereld lag aan onze voeten. Duizenden films en series. Ik ken niet eens duizenden films en series, dus op Netflix staat vast alles dat ik ken! Alles dat ik maar kan bedenken!

‘Laten we Game of Thrones kijken!’, zegt Niels. Hij toetst het in. -Series vergelijkbaar met Game of Thrones-, staat er in het scherm. Nee… Nee nee nee. We willen Game of Thrones. De echte. Niet iets dat erop lijkt. Hoe kan dé serie van het moment nou niet op Netflix staan? Zou het stuk zijn? Niels googelt. Game of Thrones is blijkbaar van HBO en HBO levert hun series niet uit aan Netflix. Ok, nou dan kijkt Niels die toch maar via z’n computer. ‘Laten we dan gewoon een Golden Oldie kijken’, opper ik, ‘Friends ofzo!’ Maar ook die is niet te vinden. Wat? Hoe kan Friends er nou niet op staan? ‘Seinfeld dan? Frasier? Will and Grace? Allemaal niet te vinden. Suits dan? Dat loopt 2 seizoenen achter. Lekker dan.

Duizenden films en series, maar geen van de degenen waar ik nu zin in heb om naar te kijken. Maar er moet toch iets op staan wat nu leuk is om naar te kijken? ‘Zullen we dan een nieuwe serie proberen? Dat Orange is the New Black lijkt me wel wat…’. We moesten even door de eerste aflevering heen. En wilde ik de tweede zien. En de derde. ‘Ik denk dat ik Netflix maar opzeg’, zegt Niels, ‘Er is toch niet echt iets leuks op ofzo…’. ‘Pardon? Dat dacht ik dus niet, hè! Ik heb nog 3 seizoenen te gaan!’

Netflix is alcohol, nicotine, heroïne en cocaïne tegelijk.
But if they try to make me go to rehab, I’ll say no no no…

Roarrr!

19 juli 2015
Een paar maanden geleden maakte ik me zorgen over mijn ‘Bikini body’. Technisch gezien heb je daar alleen een ‘bikini’ en een ‘body’ voor nodig, maar zo werkt het natuurlijk niet. De winter had haar sporen nagelaten. Het kerstdiner zat nog op m´n heupen, de oliebollen op m’n buik en door gebrek aan zon had mijn huid de kleur van sneeuw. Kortom, ken je dat Michelin-mannetje? Of zo’n dikke witte winterpeen, met hobbels en bobbels op de verkeerde plaatsen? Nou, als de zomer voor de deur staat, wil ik me niet voelen als een winterpeen. Want dat bikini-moment komt. Hoe dan ook.

Er wordt me keer op keer verzekerd dat ik me geen zorgen hoef te maken over mijn uiterlijk. Fijn dat mijn omgeving er zo over denkt, nu ik nog. Het was tijd om actie te ondernemen. Het was tijd om me dit jaar niet door het bikiniweer te laten overvallen. Dit jaar kom ik mijn huis wel uit op bikinidag! Dit jaar voel ik me wel zelfverzekerd tussen het gebruinde schoons! Sterker nog, dit jaar bèn ik gebruind schoons! Tijd om de sexy gebronsde slanke godin in mij los te laten! Roarrrrr!

Maar hoe? Nou geen idee, dus ik begon maar met een kappertje. Ik liet me iets hips asymmetrisch aanmeten in het bruin met een paarse gloed. Mocht de rest mislukken, dan leidt een leuk paars kapsel in elk geval de aandacht af van witte rolletjes op de rest van mijn lichaam, dacht ik zo.
Toen keek ik in mijn ‘Spiegeltje Spiegeltje aan de Wand’, en vond dat het tijd was om afscheid te nemen van Sneeuwwitje. De natuurlijke zon liet het afweten deze lente, dus dan maar de elektrische. Ik ben 3x geweest en tadaaaaa! M’n benen waren klaar om zonder panty aan de wereld geshowd te worden. Misschien niet de meest gezonde methode, maar wel succes gegarandeerd. Een fijn kleurtje doet je bovendien automatisch slanker lijken. Twee vliegen in één klap!
Verder ben ik gestopt met alle snoepjes en slechte tussendoortjes. Ik neem tomaatjes mee naar m’n werk. Tomaatjes! Het scheelt anderhalve kilo, zonder ook maar één keer extra de trap te nemen. Niemand die het ziet behalve ikzelf, maar toch. Inmiddels zie ik het niet meer als lijnen, ik blijf dit doen. Als ik dan eens chocola mag van mezelf, dan is het ook wel echt genieten.

Toen was het moment was daar. Ik heb me er niet door laten overvallen, dit jaar was ik voorbereid. Ik heb me niet eens ongemakkelijk gevoeld, zelfs niet naast mooi strak slank vriendinnetje D.
Wat een perfecte middag! Gezellig met vrienden en mijn lieve Niels. Ik had twee rosé op en nog niets gegeten. Een beetje rozig en ultiem tevreden, kon niemand mij iets maken. Ik lag op mijn handdoekje, keek naar de lucht en hoorde de anderen in de verte vrolijk kletsen. Toen ik plotseling bedacht: Ik moet NU een selfie maken! Dus ik ging rechtop zitten, pakte mijn telefoon en klik!

Plotseling was ze daar in al haar glorie. Zo maar op m’n telefoon. Sexy, gebronsd en slank. Slank! In bikini! Met goed gewaaid haar en zonder vervelende vetjes. ’Jeetje, ben ik dat?’ Vroeg ik verbaasd aan Niels. Voor het eerst zag ik het ook zelf. Dat ben ik op die foto en ik zie er goed uit. En iedereen mag het weten!

ROARRR!

ROARRR!

Wave.

11 juli 2015
Eens in de zoveel tijd kom je een uitspraak tegen die je raakt. Een uitspraak waarvan je weet dat je die de rest van je leven bij je zult dragen, die je koestert. Internet wordt volgepropt met ´inspirational quotes´, die fungeren als hedendaagse wandtegeltjes. Af en toe weet zo’n spreuk me tot een glimlach te verleiden, of een strijdbaar ‘En zo is het maar net!’. Soms ‘like’ ik hem dan, of deel hem voorzien van commentaar. Maar veruit de meeste van die semi-diepzinnige spreuken vind ik zoetsappig, oppervlakkig, een open deur, of ronduit zum kotsen. Maargoed, ieder z’n smaak en niveau, denk ik dan maar. De meeste van die spreuken vergeet je direct en zie je nooit meer terug.

Maar eens in de zoveel tijd komt die ene spreuk voorbij die je niet meer loslaat. Die ene spreuk die steeds opnieuw in je gedachten verschijnt. Waar je om blijft glimlachen, of waar je zelfvertrouwen van krijgt iedere keer dat je eraan denkt. Waardoor je een nieuw inzicht hebt verkregen of waardoor je gesterkt wordt in je zijn. Waar je troost uit kan putten of waar je hoop van krijgt.
Je snapt het; Ik ben laatst op zo’n spreuk gestuit die me bij blijft. Ik zag hem niet eens op internet, maar hij kwam toevallig voorbij op mijn werk. Collegaatje M. had hem gebruikt en collegaatje L. was daar zo enthousiast over dat ze me erover vertelde. Sindsdien komt ‘ie een paar keer per dag in me op en moet ik steeds weer lachen. Ik weet niet eens in welke context hij is gebruikt en met wie, maar dat doet er ook niet toe. Hij spreekt voor zich.
Ik waarschuw je; het is geen standaard spreuk. Maar dat is waarschijnlijk de reden dat ik hem onthoud. Hij is niet diepzinnig en het bied me weinig hoop. Ik vind hem vooral ont-zet-tend grappig. Zo grappig dat ik regelmatig een binnenpretje krijg dat er stiekem weleens uitkomt. Zo zit ik dan in m’n eentje te grinniken in de auto, aan m’n bureau, of terwijl ik de badkamer aan het poetsen ben. En een spreuk die me kan laten giechelen als ik de badkamer aan het poetsen ben, die wil ik nooit meer kwijt. En daarom zie ik het als mijn plicht om hem met de wereld te delen. Misschien dat hij jou ook een keertje laat gniffelen tijdens het strijken, of als je in een saaie vergadering zit.

Eigenlijk is het niet eens een spreuk maar meer een manier om aan te geven dat iemand een triest figuur is. Een spelbreker. Een droeftoeter. Iemand die problemen ziet in plaats van oplossingen. Waarbij het glas halfleeg is in plaats van halfvol. Die bij ieder idee zegt dat het toch niet kan lukken. Die daarom niets nieuws probeert en anderen daarin remt. Een droefsnoet van de bovenste plank.
En wat zeg je vanaf nu tegen zo’n persoon, waarmee je eigenlijk het beste medelijden kunt hebben?
Komt ie dan hè: ‘Zeg, jij bent echt zo iemand door wie de wave stopt.’

Stel je even voor; Je zit bij een voetbalwedstrijd. Er wordt gescoord, het halve stadion gaat uit z’n dak en er wordt een wave ingezet. 20.000 man staat na elkaar op met de handen in de lucht, ondertussen een enthousiast ‘Yeeeeeaaaaaah!!!’ uitschreeuwend. En dat jij dan niet opstaat. Niet omdat je dat niet kunt, maar omdat je daar even geen zin in hebt. Het is gewoon even niet je momentje. Het is niet zo je ding. En dat dus door jou de wave stopt. Nou, zo’n persoon dus.

En als ik dan zo’n bui heb waarin ik me rot voel over mezelf, of als ik mezelf weer eens te dik vind… Als ik me in een enthousiaste flapuit-bui weer eens in de nesten heb gewerkt en me afvraag of mijn aanwezigheid de wereld wel goeds doet…

In zo’n bui denk ik dan: ‘Kom op Harmsen, het kan altijd erger. Je kunt ook altijd nog zo iemand zijn door wie de wave stopt!’ En verdomd dat helpt.

Hoera!

6 juli 2015
Kleine Spruit vierde gisteren zijn 1e verjaardag. Eigenlijk is vandaag jarig, alleen een maandag viert niet zo lekker. Dat zal Kleine Spruit een worst wezen. Die snapt überhaupt niet wat een verjaardag is, laat staan wanneer de zijne is. Dus ik denk dat we veilig kunnen stellen dat niet Kleine Spruit zijn 1e verjaardag viert, maar dat wíj zijn 1e verjaardag vieren. En we doen allemaal vrolijk mee.

Kosten noch moeite werden gespaard. Er is een officiële uitnodiging verstuurd met een foto van de ‘hoeraënde’ jarige Job. Na 41 pogingen is het gelukt een plaatje te schieten waarbij hij én de handjes in de lucht hield, én in de camera keek, én ook nog lachte. Schattig.
Er werden maar liefst 3 taarten aangerukt waarvan een kleine speciaal voor het feestvarkentje. ‘Kijk eens! Een taartje voor jou!’ ‘Toe maar!’ Kleine Spruit zat aan het hoofd van de tafel. Hij keek de tafel eens rond, toen naar zijn taart en toen naar zijn moeder. ‘Wat moet ik in vredesnaam met die berg slagroom voor m’n neus?’, leek hij te denken. Hij werd een beetje verlegen van de aandacht. Dat is logisch, want er keken 11 mensen vol verwachting toe, waarvan 2 met een zoomlens-camera en één filmende opa. ´Toe dan, manneke!´ We hoopten allemaal op twee slaande handjes in de taart en overal spetters. Op twee handjes die smakelijk worden afgelikt en witblonde haartjes onder de slagroom. We hoopten op een smeerboel, een Kleine Spruit die kraait van plezier, rondvliegende stukjes aardbei en kiwi. Op misschien wel een heel gezichtje in de taart! We stonden er klaar voor.

Normaal stopt ie z’n eten overal behalve in z’n mond. Normaal zitten de bruine bonen in z’n haar en de andijvie-wortel-puree in z’n neus. Maar vandaag gedroeg hij zich voorbeeldig. Hij pakte een stukje perzik en stopte het in z’n mond. Ok, er kwam een beetje slagroom naast z’n mond terecht, maar het was in de goede richting. Er was niet eens een omkleedsessie nodig. Eén snoetenpoetser was genoeg. Alsof hij wilde zeggen: ‘Ik ben al 1, de tijd van eten rondsmeren ben ik nu wel gepasseerd.’

De cadeaus waren groot(s). Een interactieve jungle-boom, een loopauto, een loopfiets, een loopkar met blokken en rode kaplaarsjes. Hij loopt nog niet, maar iets zegt me dat dat vanaf vandaag enorm gestimuleerd gaat worden. Bij het derde cadeau was hij er al klaar mee, maar wat wil je ook? Hij gaat gebukt onder enorme druk! Kruipen (nouja, tijgeren) heeft hij inmiddels in de smiezen, maar lopen is echt wel een ander niveau. We hebben hem maar even in de stoelschommel gezet, zodat hij kon bijkomen van alle stress en onzekerheid.

En dat was de familiefase. Hierna volgde de vrienden-met-kinderen fase. Inmiddels kan ik het prima aan om er eentje om me heen te hebben. Maar dit zijn veel vrienden. Met heel veel kinderen. Plotseling kreeg ik flashbacks van een vorige verjaardag waarbij de autootjes over de tafel gingen en kinderen zich door mijn benen wurmde terwijl ik probeerde de glazen rode wijn op de salontafel te beschermen. Dus: ‘Niels, het lijkt me een mooi moment om te gaan’.

‘Ben jij nou een echte tante?’, hoorde ik opa W. vragen. En die vraag snap ik. En jawel, ik ben een echte tante, maar wel van die ene. En dat vind ik al heel wat. Kleine Spruit, ik wil niet constant met je kroelen en ik vind het niet zo smakelijk dat je veel kwijlt nu je kiesjes krijgt. Maar ik vind je een lief ventje en ik zal je straks met liefde voorlezen uit ‘Jip en Janneke’. Maar sorry, al je rondrennende vriendjes trek ik niet. Ik ga er vandoor voor vandaag makker, you’re on your own!