Sprookje Sint. (papa’s en mama’s: Niet voor kindjes!)

7 december 2013.
De pepernoten en marsepein liggen weer voor 50% in de winkel, papierbakken liggen vol pakjespapier en ik zie plaatjes van kerstbomen op Facebook. Dit kan maar één ding betekenen: Hij is weer het land uit, de man met rode mijter en lange witte baard, oftewel Kees uit Flodder.
Sinds vorig jaar hebben we namelijk een nieuwe Sinterklaas. En die doet erg z’n best.

Voor de kids doet hij het vast prima hoor. Bovendien ‘brengt’ deze man de cadeautjes dus het zal hen verder worst wezen, maar ik zie geen Sinterklaas. Ik zie Kees uit Flodder die een zware stem opzet. Wat mij betreft komt Johnny ieder moment de bocht om in z’n roze auto, of zit Tatjana straks op schoot.

Tot vorig jaar had ik intens respect voor Sinterklaas. Zag ik een tv-programma met Sinterklaas dan moest ik kijken, al was het Sesamstraat. Mijn Sinterklaas was ook eigenlijk geen Sinterklaas, maar een Sint Nicolaas. Zo’n man waarvan je spontaan stil wordt als ie begint met praten. Zo’n man die je met 3 woorden compleet met je mond vol tanden en licht blozend in je hemdje zet. Maar je kunt het van hem hebben, want het is Sint Nicolaas. En daar heb je respect voor. Mijn Sinterklaas kreeg Coen en Sander stil. Mijn Sinterklaas laat Paul de Leeuw stamelen. Mijn Sinterklaas had op iedere lastige vraag van welke kritische interviewer dan ook een gevat antwoord. Zo vroeg Sander Lantinga iets in de trant waarom de Sint ieder jaar wel met de stoomboot aankomt, maar nooit weer vertrekt. Waarop het antwoord was; ‘Vóór 5 december ben ik overal en nergens en na 5 december ben ik vooral nergens.’ Nou. Daar zit je dan. Daar kun je toch niets meer tegenin brengen. Coen en Sander waren weer even 6 jaar oud en ik met hen.

Afgelopen week vroeg ik me af hoe die man ook al weer heet. Bram van Vucht, Bram van der Vught of Bram van der Vlugt? Ik weet het eigenlijk niet precies. Natuurlijk zou ik het voor de correctheid van deze blog kunnen googelen. Maar ik durf niet. Stel je voor dat ik een foto zie van Bram zoals hij er na 5 december uitziet. Dan ligt in één keer mijn jeugdsprookje aan diggelen.

Misschien is het ook niet helemaal eerlijk van me. Bram van der Vrucht/ van Vlught / van Vugt heeft ongeveer 43 jaar dat rode pak aangehad (Geen idee hoe lang, maar dat kan ik dus ook niet googelen). Misschien was hij de eerste 10 jaar ook niet zo verschrikkelijk goed, maar dat heb ik niet meegekregen. Misschien moet Kees uit Flodder gewoon een beetje inkomen en hopelijk maakt hij Sinterklaas voor de huidige kleine smurfen net zo legendarisch als voor mij. Hopelijk krijgt hij daar de kans voor in deze tijden van Pieten-discussie.

Ook ik ben er op een bepaalde leeftijd achter gekomen dat mijn ouders eigenlijk de taken van de Goedheiligman waarnamen. Maar ik blijf graag in sprookjes geloven. Dus ik geloof dus nog steeds in Sinterklaas, of nee in Sint Nicolaas. In mijn Sint Nicolaas. Zo lang Bram maar in dat pak zit.

Mijn Sint Nicolaas.

Mijn Sint Nicolaas.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *