Expeditie.

4 januari 2015
Of ik een blog over Expeditie Robinson kon schrijven, vroeg collega L. Tuurlijk! ‘Maar ik vind het wel een flutprogramma’, zei ik. Er staat hier flut maar eigenlijk zei ik het korte woordje dat daarop rijmt. ‘Nee, het is echt gaaf!’, beweerde collega L. Dat leek me sterk, aangezien ik nog nooit een hele aflevering vol heb gehouden. Ten eerste wordt het gepresenteerd door de enige kandidaat die het al binnen 3 weken in de jungle opgaf. Da’s stom. Daarnaast kijk ik niet graag naar uitgemergelde lichamen met vies vettig haar en smerige vingers, die complotten tegen elkaar smeden, alleen maar om nog een dag extra in die hel te mogen verblijven.

Die uitgemergelde lichamen zouden ‘bekende’ Nederlanders zijn. Bij de eerst paar BN-edities dacht ik dat het aan mij lag dat ik ze niet kende. Maar nu dit jaar rapper Polska uit Gorinchem (Wie kent hem niet?) meedeed, weet ik dat de grens tussen ‘bekende’ of ‘onbekende’ Nederlander zo is gezakt, dat ik me serieus afvraag wanneer ze bij mij langskomen. Sterker nog, ik vermoed dat het dit jaar zo is gegaan: ‘Goh, wie zullen we eens uit Gorinchem vragen? Rapper Polska, blogger Marissa of DJ Henry Wessels? Nou, laten we die Pool maar doen, een extra excuusallochtoon is nooit weg.’
Slimme keus, want ík ga echt niet in m’n blote kont op een eiland zitten waar ik krioelende dingen moet eten en fratsen moet uithalen die neigen naar sporten. Ik houd van mijn bed, bad, frikandellen, mascara en m’n haar föhnen. Dus Henry, succes volgend jaar!

Ja, tenzij ik onverhoopt 5 kilo aankom. Want zo’n expeditie lijkt me wel keigoed voor de lijn.
Maargoed, voor mijn collega’s is Expeditie Robinson echt een ding. Collega L. slaapt vanaf maandag al slecht van de spanning over de aflevering die op donderdag zal worden uitgezonden. Terwijl hij met zijn rechterhand in de snoepjespot zit, begint hij op maandagochtend dus al: ‘Zo, wie moet eruit?’ Waarna er een hevige discussie losbarst over wie deze week de belichaming van het kwaad is. Om een goed journalistiek onderzoek te doen, heeft collega L. me toegevoegd aan de groepsapp. Want 8 uur per dag op het werk is natuurlijk niet genoeg om van gedachten te wisselen over het decolleté van presentatrice Nicolette of het gezanik van Sabrina. Nee, we moeten elkaar 24 uur per dag op de hoogte houden van de blauwe tanden van Ferry en de capriolen van ik-praat-altijd-alsof-ik-high-ben-maar-dat-maakt-me-juist-zo-cool Freddy. Maar ik heb leuke intelligente collega’s, dus als zij het zo leuk vinden, dan moet het toch wel leuk zijn?

Nou collega’s, ik kan jullie vertellen: Het heeft mijn leven verreikt, hoor. Ik heb me namelijk nog nooit zo populair gevoeld als op de donderdagavond, toen er tijdens de uitzending gemiddeld 132 berichten op de app werden geslingerd. Niels vroeg zich zelfs af of ik er ook een dubbelleven op nahield. Ik heb hem in die waan gelaten.
Ik heb vooral genoten van de hatelijke passie waarmee m’n collega’s iedere week Lobke eruit wilden hebben (‘The bitch has to go down!!’), maar die feeks bleef iedere keer. Nou vond ik die Lobke ook niet zo sympathiek, maar die hele hetze snapte ik niet zo. Misschien omdat het me nog steeds niet gelukt is om een hele aflevering uit te zitten. Te langzaam, te ranzig, bleh.

Gelukkig is de finale nu achter de rug, dus het is nu wel klaar, dacht ik. Mooi niet. Ze gaan gewoon verder met ‘Wie is de mol?’. Hoewel ik overwogen heb om me dit jaar toch maar eens in dat programma te gaan verdiepen, niet in de laatste plaats vanwege de deelname van Chris Zegers, hang ik mijn dubbelleven bij deze toch aan de wilgen. De donderdagavond is weer van mij! Lekker rustig!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *